Aansprakelijkheid bij schade
Over de aansprakelijkheid voor schade in of aan de woning blijken helaas nogal eens misverstanden te bestaan. Globaal gesproken is het casco van de woning door WoonGoed 2-Duizend verzekerd tegen brand- en stormschade. Voor uw eigen bezittingen dient u zich zelf te verzekeren.
Opstal en inboedel
WoonGoed 2-Duizend heeft haar woningbestand verzekerd tegen brand- en stormschade. Dit betreft alleen het casco, ook wel opstal van de woning genoemd. Hierbij is alleen datgene verzekerd dat destijds bij de bouw werd opgeleverd. U dient dus zelf uw inboedel te verzekeren. Als bewoner bent u verplicht maatregelen te nemen om schade, bijvoorbeeld bij storm, zoveel mogelijk te voorkomen. Wij raden u aan de inboedel op uitgebreide condities te verzekeren, uw verzekeraar kan u daar meer over vertellen.
Gevolgschade en aansprakelijkheid
Met nadruk wijzen wij u op de zogenaamde gevolgschade. Dit is schade aan “lijf en goederen” als gevolg van brand, storm, verzakking, instorting, lekkage, leidingbreuk, stroomuitval, stuifsneeuw etc. Deze schade is in bijna alle gevallen voor rekening en risico van u als huurder en bewoner. Valt bijvoorbeeld een keukenkastje van de muur – en is dit niet aan uzelf te wijten – dan is WoonGoed 2-Duizend verplicht dit kastje weer op te hangen. Maar wij zijn in dit geval niet aansprakelijk voor de vergoeding van het eventueel gesneuvelde serviesgoed. Een ander voorbeeld is lekkage van waterleidingen of centrale verwarming. Ook hier is WoonGoed 2-Duizend wel verantwoordelijk voor het herstel van de leidingen of de centrale verwarming, maar niet voor de eventuele schade aan vloerbedekking of plafond. Het is dus raadzaam u tegen deze gevolgschade te verzekeren door een goede inboedelverzekering af te sluiten.
Wanneer is WoonGoed 2-Duizend aansprakelijk¹
Wij zijn slechts in één situatie aansprakelijk n dat is, als ons ernstige tekortkomingen zijn te verwijten. Een huurder heeft ons bijvoorbeeld op de hoogte gebracht – en kan dit ook aantonen – van een gebrek aan de woning, bijvoorbeeld een daklekkage. Wij voeren de noodzakelijke reparatie niet, niet op tijd of niet goed uit. In een dergelijk geval is er sprake van een zogenaamde wanprestatie. Wij zijn echter in genoemde gevallen niet aansprakelijk als het om situaties van overmacht gaat. Er is sprake van overmacht als op eenzelfde moment na langdurige regen, vorst of harde wind veel schadegevallen worden gemeld, zodat de daklekkage niet snel genoeg kan worden verholpen. Als een oorzaak van schade niet te achterhalen is, wordt er ook van overmacht gesproken. Schade aan uw eigendommen kan door gebreken aan de woning ontstaan, maar ook door het verrichten van onderhoudswerkzaamheden. Als deze schade te voorkomen was geweest, of als onzorgvuldig optreden van personen die in onze dienst of opdracht werken, de oorzaak van de schade zijn, dan kunnen wij aansprakelijk worden gesteld. De schadevergoeding kan in deze gevallen echter nooit meer inhouden dan vergoeding van wat ‘onmiddellijk en dadelijk’ het gevolg is van het onheil. Overigens komt voor vergoeding in aanmerking de feitelijke waarde (dagwaarde) en niet de vervangingswaarde van de beschadigde eigendommen.
Als huurder hebt u een grote verantwoording
Als huurder zult u zoveel mogelijk moeten zorgen dat schade wordt voorkomen. Hierin hebt u een grote verantwoording. U dient dus de onderhoudsgebreken zo spoedig mogelijk bij ons te melden. Maar u moet ook de gevolgen van schade zoveel mogelijk beperken. Dat geldt ook voor schade aan de inboedel, die een gevolg is van wanprestatie van WoonGoed 2-Duizend. Heeft u als huurder niet binnen bekwame tijd² een gebrek bij de verhuurder gemeld en is door dit gebrek schade bij de huurder ontstaan, dan kan de verhuurder een schadeclaim afwijzen op grond van het ontbreken van toerekenbaarheid.
**¹Artikel 7:208 BW geeft een nadere definiëring van de aansprakelijkheid van de verhuurder voor schadevergoeding. De wetgever is hierbij niet uitgegaan van een risicoaansprakelijkheid van de verhuurder (de verhuurder is in het kader van risicoaansprakelijkheid zonder meer aansprakelijk voor schade aan eigendommen van de huurder als deze schade is veroorzaakt door een gebrek aan het gehuurde), maar de wetgever acht de verhuurder op grond van artikel 7:208 BW alleen aansprakelijk als de schade in redelijkheid aan de verhuurder mag worden toegerekend.
²Onder bekwame tijd wordt verstaan een termijn van twee maanden na ontdekking van het gebrek. Overigens loopt de huurder dan nog de kans aansprakelijk te zijn voor schade aan het gehuurde. De huurder dient immers bij de verhuurder gebreken te melden en herstelwerkzaamheden gedurende de huurperiode toe te laten, zie artikel 7:220 BW, als die werkzaamheden noodzakelijk zijn om verdere schade aan het gehuurde te voorkomen.**

